Stappenplan gezonde sportlocaties

Je zet in op gezondere sportlocaties in jouw gemeente. Dat doe je samen met het lokale werknet: van beleidsmedewerkers tot sportaanbieders en uitvoerende professionals. Met een goed plan bepaal je wat je wilt bereiken, wie je nodig hebt, waar je de financiële middelen vandaan haalt en hoe je sportlocaties in beweging krijgt. Dit stappenplan helpt je om gericht en samen te werken aan een gezonde sportomgeving.

Stappenplan gezonde sportlocaties

1. Stel doelen

Doelstellingen op de gezondere sportomgeving geven richting en focus. Dit kan op een gezondere sportomgeving zijn, of focus op één van de thema's: gezondere voeding, rookvrij terrein en verantwoord alcoholgebruik. Neem deze doelstellingen op in het collegeakkoord, lokaal sportakkoord, SPUK/GALA en/of in andere relevante beleidsnota's.  

  • Betrek de beleidsmedewerker sport en/of gezondheid en de wethouder die hierover gaat; 

  • Verbind relevante beleidsterreinen: sport, volksgezondheid, openbare ruimte, cultuur, vrije tijd;  

  • Stel een duidelijke ambitie en doelstelling m.b.t. het realiseren van een gezondere sportomgeving. Gebruik hiervoor de voorbeelddoelstellingen

2. Maak een begroting en bekijk financiële mogelijkheden
  • Maak een begroting voor je activiteiten of op de inzet van een JOGG-coach gezonde locaties

  • Bekijk financiële mogelijkheden voor sturing op een gezonde sportomgeving, denk aan: subsidievoorwaarden of stimuleringsbudgetten. Ideeën: het realiseren van een watertappunt, faciliteren van gratis water en fruit op locatie met als voorwaarde dat de vereniging stappen zet richting een gezondere omgeving;  

  • Kijk ook of er middelen beschikbaar zijn vanuit SPUK/GALA, het lokale sportakkoord of je JOGG-middelen.

3. Maak je werknet inzichtelijk

Een gezonde sportomgeving creëren doe je samen. Maak je werknet inzichtelijk en maak duidelijke afspraken over de rolverdeling en verantwoordelijkheden. Zodat jullie samen de ambities kunnen realiseren.  

  • Maak een overzicht van sport- en beweegaanbieders binnen jouw gemeente, of gebruik de sportkaart uit jouw gemeente;  

  • Maak een werknetanalyse: welke beleidsdomeinen, uitvoeringspartijen of interessante professionals en/of organisaties kun je samen mee optrekken. Denk aan: een sportbedrijf, verslavingszorg partij, GGD of adviseur lokale sport;

  • Breng het werknet in kaart en kijk wie belangrijk zijn voor het benaderen van de sportlocaties. Denk aan: de JOGG-coach gezonde locaties, verenigingsondersteuners, buurtsportcoaches of het beweegloket;  

  • Stel een werkgroep samen met professionals en bespreek de rolverdeling: wie is de aanjager, wie benadert locaties, wie legt contact met de gemeente, wie is de inhoudelijke kennispartner?   

  • Kom regelmatig samen met de werkgroep om signalen en ontwikkelingen te delen en het thema blijvend op de agenda te zetten;  

  • Betrek de JOGG-coach gezonde locaties als die in jouw gemeente en/of regio actief is.  

4. Enthousiasmeer je werknet en locaties

Enthousiasmeer locaties en je werknet om aan de slag te gaan met de gezonde sportomgeving. Door successen te vieren maak je andere locaties ambassadeur en kun je deze als inspiratie gebruiken. Betrek ze dus actief in je werknet.  

  • Bereid argumenten voor om locaties te enthousiasmeren voor de gezonde sportomgeving. Handige tools zijn: infographic behoefteonderzoek, cijfers over de verkoop van gezondere producten, flyer;  

  • Maak een plan met je werknet: Wie is de warme ingang? Bij welke structuren kun je aansluiten? Of kun je zelf iets organiseren om sportaanbieders samen te brengen? Denk bv. aan een gezondheidsfestival, sportcafé of aansluiten bij de lokale sportraad;  

  • Hoe maak je sportaanbieders warm om met de gezonde sportomgeving aan de slag te gaan? Denk aan: gratis aanbieden water en fruit zoals in Eindhoven, een inspiratiebijeenkomst bij een betaald voetbalorganisatie,  

  • Schakel een JOGG-coach gezonde locaties in: met de Teamfit werkwijze werkt de locatie stap voor stap aan een gezonder voedingsaanbod, rookvrij terrein en verantwoord alcoholbeleid;  

  • Laat zien wat het effect is van jouw (sport)beleid. Vier de successen van locaties en maak het zichtbaar. Denk bv aan het betrekken van de wethouder, of maak een koppeling met de Nationale Kraanwaterdag;  

4. Borg in beleid en praktijk

Borging in beleid en binnen het werknet is essentieel om blijvend te kunnen inzetten op de gezonde sportomgeving. Betrek en benut het werknet dus goed om dit voor elkaar te krijgen.  

  • Veranker het binnen de gemeente: zorg voor opname in o.a. de nota sport of in subsidieregelingen en betrek de relevante beleidsmedewerkers;  

  • Houd de voortgang van de locaties bij. Zorg dat de professional die contact heeft met de sportlocaties direct de voortgang terugkoppelt. Leg dit zelf vast of spreek duidelijk af binnen de werkgroep wie dit doet en hoe jullie dat bijhouden;  

  • Introduceer vervolgstappen: is de vereniging volledig rookvrij? Stimuleer hen dan om ook met verantwoord alcoholbeleid of een gezondere kantine aan de slag te gaan. De werkwijze Teamfit kan hierbij goed aansluiten; 

  • Blijf het thema agenderen en aanjagen bij sportlocaties. Laat het bijvoorbeeld eens per kwartaal terugkomen op de agenda. Maak gebruik van: bestaande overlegstructuren/bijeenkomsten, communicatielijnen, buurt-, wijk- of gemeentelijke evenementen en je werknet; 

  • Agendeer het thema ook continu bij de professionals die in contact staan met sportlocaties, zoals de verenigingsondersteuners of buurtsportcoaches. Zo blijft het structureel op de agenda wanneer deze op locatie langskomt;  

  • Koppel resultaten en signalen terug aan de beleidsmedewerker. Deze houdt de wethouder op de hoogte van de voortgang;  

  • Maak resultaten zichtbaar: vier de successen van locaties en laat het effect zien van jouw (sport)beleid. Nodig bv. de wethouder uit, maak een feestelijke koppeling met de opening van de Nationale Kraanwaterdag of neem het mee in jullie communicatie-uitingen;  

  • Faciliteer verbinding tussen sportlocaties voor uitwisseling van kennis en inspiratie. Denk aan: een netwerkclub of het aanmaken van een WhatsApp-, Facebook- of LinkedIngroep.  

5. Blijf agenderen en aanjagen
  • Blijf het thema agenderen en aanjagen bij sportlocaties. Laat het bijvoorbeeld eens per kwartaal terugkomen op de agenda. Maak gebruik van: bestaande overlegstructuren/bijeenkomsten, communicatielijnen, buurt-, wijk- of gemeentelijke evenementen en je werknet; 

  • Agendeer het thema ook continu bij de professionals die in contact staan met sportlocaties, zoals de verenigingsondersteuners of buurtsportcoaches. Zo blijft het structureel op de agenda wanneer deze op locatie langskomt;  

  • Koppel resultaten en signalen terug aan de beleidsmedewerker. Deze houdt de wethouder op de hoogte van de voortgang;  

6. Maak resultaten zichtbaar
  • Maak resultaten zichtbaar: vier de successen van locaties en laat het effect zien van jouw (sport)beleid. Nodig bv. de wethouder uit, maak een feestelijke koppeling met de opening van de Nationale Kraanwaterdag of neem het mee in jullie communicatie-uitingen;  

  • Faciliteer verbinding tussen sportlocaties voor uitwisseling van kennis en inspiratie. Denk aan: een netwerkclub of het aanmaken van een WhatsApp-, Facebook- of LinkedIngroep.  

Wil je persoonlijk advies?

Neem contact op met onze adviseur gezonde omgeving

Neem contact op
Fieke van der Meer
Adviseur gezonde omgeving